Plaats een Kleintje! Woensdag 15 Februari 1933. Negen en Tacbtigste Jaargang. No. 13. NIEUWS- EN ADVERTENTIEBLAD voor: HARDERWIJK, HIERDEN, TONSEL, ERMELO. NDNSPEET, HULSHORST, ELSPEET, DOORNSPIJK, PUTTEN, enz. Veertien dagen op een ijsschots OverveluwsGhWeekblad Harderwijker Courant BUITENLAND FEUILLETO N. OVBRVBLUWSCH WEEKBLAD Vsricblint tweemul s wests - ^rSJi f t.20 oor kwartkkl. - Oitasve firn» 1. WEDDIRG. Donierslruit Hardarwllk Hierdensche Courant. De Nnnspeeter. De Elspeeter. De Ermeloër. Nieuwe Puttensche Courant. Gemengd Nieuws. Het gezag is hersteld. EHST HARDERWIJKER COM ADVERTENTIEN 15 regels (gaijard) f 1.elke regel meer 20 cent. Ingezonden medsdeelingen dubbel tarief LOSSE NUMMERS 5 cent. MM»» Advertentiën voor het en opgegeven, worden teyens opgenomen in de volgende bladen Zooals we reeds in vorig nummer mededeelden is Vrijdag avond even na zes uurteNeun- kirchen. ten Noordoosten van Saarbtücken, een groote gas houder in de lucht gevlogen. De ontploffing heeft de naaste omgeving in een ruïne veranderd. De knal werd gehoord te Trier, Mannheim en Karlsruhe. Alle verbindingen met Neunkirchen bleken te zijn verbroken. De gashouder die ontplofte was een der grootste van het Saargebied. De stukken van den ijzeren houder vlogen honderden meters ver in het rond en er brak na de ontploffing een reusachtige brand uit. Het spoorwegstation werd verwoest en de spoorweg tot een grooten afstand buiten de stad onbruikbaar. Telefoon- en telegraafverkeer is onmogelijk. Ook in de stad is veel ver nieling aangericht. Wegens gevaar voor nieuwe explosies werd het stadje Neun kirchen vrijwel geheel ontruimd. Van het hoogovenbedrijf, op het terrein waarvan de ramp (voorviel, is uit den aard der zaak niet meer over dan een puinhoop. Op het oogenbük van de ont ploffing waren 500 man perso neel op het bedrijf werkzaam. De nood onder de zwaar ge troffen bevolking is zeer groot, doch van alle zijden wordt hulp geboden. Vele particulieren nc men gewonden in hun huizen op. De stad zelf biedt eei vreeselijk beeld der verwoesting. Men kan geen stap doen of men trapt op glasscherven, steenen of stukken ijzer. Overal zijn de licht- en trammasten verbogen of gebroken. Van een tramwagen werd het dak afge rukt en weggeslingerd, de in zittenden werden gedood en verminkt. Hoeveel passagiers in den wagen zaten kon niet worden nagegaan. Hoe ernstig de ramp is wordt eerst duidelijk als men weet dat de geheele ijzerfabriek van Neunkirchen voor een vol jaar wordt stil gelegd. De werkloos heid wordt hierdoor nog be langrijk verhoogd. Zaterdag tegen acht uur waren 49 dooden geborgen. Men ver moedt, dat het geheele aantal dooden tot meer dan honderd zal stijgen. Telkens worden lijken uit de puinhoopen te voorschijn ge haald. O.a. vond men de lijken van een geheel gezin, vader moeder en twee kinderen en even later een gezin van vijf personen. Een groot aantal zwaar ge wonden, aan wier herstel men twijfelt, liggen in de zieken huizen. Hoeveel personen nog onder de puinhoopen liggen weet men nog niet. Onder vallende muren gedood. Zaterdag stortten in de Kroon- straat te Utrecht bij het sloopen van een groentenloods twee muren van ongeveer 2'/» meter hoogte over een lengte van 7 meter in. Een arbeider, die boven op een muur stond, sprong er af en kon zich in veiligheid brengen. Anders was het gesteld met het 14-jang zoontje van den uitvoerder van het werk, v. d. L. geheeten, die onder de muren bedolven werd. De jongen werd zoo ernstig ge wond, dat hij bij het vervoer naar het academisch ziekenhuis is overleden. Eenige andere personen bekwamen lichte ver wondingen. Zeilschip op de amer gezonken. In dsn nacht van Vüjdag op Zaterdag is op de Amer bij den polder De Koekoek gevonden het zeilschip „Onderneming", metende 120 ton, geladen met zand, toebehoorende aan H. van Dongen te Made (Noord-Brabant). Twee zoons van den heer Van Dongen, resp. 20 en 21 jaar oud, zouden het schip brengen naar de haven van Drimmelen. Men heeft van de beide jongens geen spoor ont dekt. De roeiboot hangt nog achter het schip, dat op een zandbank zit, en nog gedeelte lijk boven water uitsteekt. Pamfletten in beslag ge nomen. Zaterdagochtend heeft de politie een inval gedaan in de kantoren van het Plaatselijk Arbeids-Secretariaat. Daar is een collectie pamfletten, waarin opgeroepen werd tot een ver gadering van Zatermiddag, in beslag genomen, omdat er in deze pamfletten opruiende taal was gedrukt. Er werd o m tot daadwerkelijk verzet opgeroepen. In verband hiermede zijn in het kantoor negen menschen ge arresteerd, onder wie een ge meenteraadslid, de heer Menist Dien morgen zijn aan de stempellokalen van de werk- loozen nog verscheiden pam fletten verspreid, maar de politie heeft de verspreiders aange houden en de pamfletten, welke zij bij zich hadden, in beslag genomen. De arrestanten zijn overge bracht naar het hoofdbureau van politie aan de Haagsche Veer. Nu het avontuur van de muiters in Ned -Indië ten einde is, geven de bladen hun com mentaren op bet hetgeen is voorgevallen. De „Nieuwe Rotterdamsche Courant" schrijft, na vastgesteld te hebben dat met de weinige thans beschikbare gegevens de psychologie van het zoo onge wone geval nog niet is te door gronden, het volgende „Verdiepen wij ons niet verder in deze dingen. Ons eskader, dat het muiterschip tegemoet voer, heeft gehandeld zooals het in de gegeven omstandigheden handelen moest tegenover lieden die zichzelven buiten de wet hebben gesteld. Bloed over de hoofden der muiters. Het feit, dat er zoovele dooden zijn gevallen, betreurt „De Avondpost" in de eerste plaats. Daarna vervolgt het blad moest er geweld wor den gebruikt, maar het bloed, dat hier vloeide, komt over de hoofden der muiters. En niet alleen over hun hoofdenook over die van hen, die het per soneel opruien en opstoken en die zelf veilig buiten schot blijven. Achttien dooden I Als ons volk maar goed begrijpt, dat ons gezag hier niets anders heeft gedaan dan zijn plicht, zijn zwaren, zijn moeilijken, maar zijn eerlijken plicht. „De Zeven Provinciën" vaar^f weer onder onze vlag. Maar dë achttien dooden zullen een aan klacht blijven tegen hen, die voor dergelijke avonturen direct of indirect verantwoordelijk zijn". Ook de Duitsche „Börsen- kurier" hield zich bezig met de muiterij. Volgens het uittreksel van het artikel, dat het Wolff- bureau ons seinde, besloot het blad aldus „De Nederlandsche regeering mocht niet anders gehandeld hebben dan zij gehandeld heeft." Geen rechtgeen genade De „M dd-lburgsche Courant" stelt tegenover het feit, dat pestkiemen zijn uitgezaaid dit „eene, oromstootelijke feit, dat het recht in geen enkel opzicht aan den kant der muitelingen was, en dat zij op genade niet de minste aanspraak meer kon den maken, toen zij aan de sommatie tot overgave niet on middellijk en volladig gevolg gaven. „Indien bij de muitelingen ook nog maar een grein begrip van de beteekenis van het gezag was overgebleven, dan zouden zij geweten hebben dat hun proclamatie roet voorwaarden niets anders was dan een dwaas heid en een onduldbare uit tarting. De door de bom gewonde Europeeschen marinier Bom ver klaarde, dat hij degene is ge weest, die op de „De Zeven Provinciën" de witte slag heeft geheschen. Deze mededeeling wordt nader geverifieerd door een speciale commissie van onderzoek aan boord van het 9 Het wordt vrouw Bording te eng in huis ze moet naar buiten, den dijk op. In een ommezien heeft ze haar dochtertje een dikken doek om het hoofd en de schouders geknoopt, terwijl ze zich zelf met haar omgeslagen bovenrok tegen het weder wapent. Eerst werpt ze nog een blik in de beide bedsteden, waarin haar kinderen sluimeren en dan snelt ze met haar oudste doch tertje de woning uit. Wat een weer I De regen striemt het tweetal in het aangezicht. „Houd me maar goed vast," zegt moeder Bording tot haar dochtertje, dat bevend naast haar voorttrippelt. Maar eensklaps slaakt ze een hartverscheurenden gil. ,,'t Ijs is weg I" klinkt het in den nacht. „Mijn man I Mijn jongens I Het meisje begint te schreien en dringt zich angstig tegen haar moeder aan. „Mijn man! Mijn jongens I" klinkt het weer op wanhopig gillenden toon. Ijlings worden de deuren van eenige visscherswoningen open- gestooten. „Wat is dat daar op den dijk f" roept een man, die, reeds te bed liggende, het noodgeschrei heeft gehoord en nu komt toe snellen. „Ben jij het vrouw Bording Wat is er gebeurd De toegesprokene kijkt den man met verwilderde blikken aan en wijst met woeste gebaren naar de zee. Ontzettende aanblik I Zoover het oog reikt, is de ijsvloer, die een paar uur geleden nog het water der Zuiderzee bedekte spoorloos verdwenen en vertoont zich een kokende en schuimende watermassa, dolzin nig bruisende, nu de zuidwes tenwind haar kluisters verbroken heeft. Er komen meer menschen toesnellen visschers en visschers- vrouwen. „Wat gebeurt hier roepen vele stemmen, die echter ver stommen bij den aanblik, dien de Zuiderzee oplevert. „Mijn man 1 Mijn jongens 1" gilt de moeder, krankzinnig van angst Allen staan verslagen. Wie zal haar troosten Zou het, met het oog op de woedende zee, die haar schuim over den dijk werpt, geen spotten ij lijken, de arme vrouw te vleien met de hoop, haar man en haar kinderen weer te zien Neen, niemand twijfelt er aan ze zijn verdronken, jammerlijk verdronken I Arme moeder 1 Zie ze luistert. Wat boeit haar oor Ach vraag het ni=t. Haar brein is verward, baar denkver mogen ziek. Ze luistert naar den wind, die over de golven giertden lijkzang bij het graf van man en kinderen. „Zuidwestenwind met regen gilt ze eensklaps. „Zuidwesten wind met regen I Hoor dien woesten wind Zie die golven 1 Zuidwestenwind met regen I" „Moeder, Mi.eder," snikt het meisje aan baar zij, dat angstig naar de rampzalige vrouw opziet en haar niet begrijpt. ^Moeder ga mee naar huis 1" Maar de moeder luistert niet. „Hoor je die stem roept ze op hartverscheurenden toon. „Dat is de siem van je Vader Hoor, hoor, hij reepthij ver drinkt Waarom helpt hier nie mand I „Daar moet ren eind aan komenmompelt een der omstanders, „anders gebeuren er nog ongelukken Maar zie, daar naderen een man en een vrouw. De eerste is vrouw Bordings broer, de laatste de zuster van haar echtgenoot. Beiden wonen aan het eind van het dorp en hebben eerst zooeven de verontrustende be richten aangaande hun familie-; leden vernomen. Hun gelukt het, hun zuster te overreden, naar heur woning terug te keeren, waar drie van haar kinderen sluimeren, onbe wust van al wat er is voorge vallen. Het gezicht van het slapend drietal brengt haar weer tot be trekkelijke kalmte. Zij voelt hetop haar rust de plicht, haar kinderen te troosten, wanneer zij zullen weenen om Vader, die wegblijft en em de groote broers, die niet weer komen Niet weerkomen Zie daar stuwt de wel harer smart heur vocht omhoog eskader. De hoofdleiding van dit onderzoek is opgedtagen aan den kapitein ter zee F. W. C. Koster, die tevens tijdelijk het commando over „De Z«ven Provinciën" waarneemt. Het onderzoek. Maandag 20 Februari zal de Volksraad door den commandant der Marine in Ned. Indië inge licht worden omtrent de eerste uitkomsten van het onderzoek met betrekking tot de gebeurte nissen aan boord van „De Zeven Provinciën". Hierna zal gelegen heid worden gegeven verkla ringen af te leggen. Wat het onderzoek betreft, wordt medegedeeld, dat dit zoo snel mogelijk zal worden voort gezet. De berechting zal in Indië geschieden, waarna de Euro- psesche gestraften naar Neder land zullen worden gebracht, om daar hun straf te ondergaan. De gevangenen op Onrust. Zondag werden in den loop van den dag honderd ongeboeide en 50 geboeide Inlanders, be nevens 28 geboeide en 4 onge boeide Nederlandets op het eiland Onrust gevangen gezet. De meesten hunner waren weinig onder den indruk.. De Neder landers waren onverschillig. Al vorens te worden opgesloten werd iedere gevangene er van verwittigd, dat elke verstoring van rust en elke poging tot ontsnapping daadwerkelijk en op de plaats zal worden voor komen. Contact met de buiten wereld is verboden. Het eskader ligt nog steeds bij onrust. In de gevangenis te Malang. In de gevangenis te Malang bevinden zich momenteel 68 Europeesche korporaals en ma trozen, terwijl drie mannen cellulair zijn gezet. De wacht is versterkt. Telkens zijn 25 man op schildwacht. De drie van de kruiser Java te Suerabaja gearresteerde ma trozen, die door de gearresteer den te Malang als opruiers zijn aangewezen, werden direct na aankomst per auto naar Malang vervoerd. De achtergeblevenen. Reuter seint uit Singapore, dat een aantal Europeanen en 62 inlanders, die deel uitmaakten van de bemanning van „De Zeven daar druppen heete tranen haar langs de wangen daar verbergt ze biddend het moede hoofd in de handen en snikt. Goddank, dat ze snikt het behoedt haar voor krankzinnig heid. EEN VREESELIJKE ZONDAG IV. Zondagmorgen Liefelijke gedachten wekt dat woordgedachten aan rust en vrede. Maar 'l is geen rust, geen vrede, die er heerscht in de harten van Bording en zijn zoons. Angst heeft zich van hen meester gemaakt, nu zij Pampus van ijs ontbloot zien, nu zij de watermassa aanschouwen, die hen scheidt van hun dorp. „Wat nu?" vraagt Klaas. „Noordwaarts op!" roept Bording„daar steekt het land wat meer in zee uitmogelijk dat we c'aar aan wal komen 1" De slede wordt omgewend, een laatste blik op het bruisende water geslagen en voort gaat het in noordelijke richtirg. Men zou het den drie vis schers niet aanzien, dat zij het grootste deel van den Zateidag Provinciën", doch aan land waren toen de muiterij uitbrak, aan boord van het Nederlandsche schip Van Oudshoorn te Singa pore zijn aangekomen. Zij blijven aan boord. Veilinggebouw te Arnhem geheel verbrand. Zaterdagavond omstreeks kwart over zes werd de brand weer te Arnhem gealarmeerd voor een uitslaanden brand in het gebouw van de Geldersche Fruit-, Groenten-, Bloemen- en Eieren-veiling aan den Wester- voortsche Dijk te Arnhem. De brandweer rukte uit met de motorspuit en met vele brand- kraanwagens. De motorspuit werd opgesteld aan den Rijn kant en vandaar uit werd het eerst water gegeven. Geleidelijk begon men het vuur van alle zijden aan te tasten, maar het breidde zich zoo snel uit, dat spoedig bleek, dat blusscben on doenlijk was. Men bepaalde zich daarom tot het nat houden van de aangrenzende gebouwen, waar bij o.a. een fabriek van chemi caliën, de pakhuizen van de pakhuizen van de Heide-maat- schappij enz. Het gebouw was geheel uit hout hout opgetrokken en rust op een steenen sokkel. Daarin zijn geborgen zeer groot manden materiaal en honderden kisten eieren, die waren geveild, doch nog niet waren afgehaald. In een kwartier tijds was het ge bouw één vlammenzee, waar tegen de brandweer niets ver mocht. Da directeurswoning, die dicht bij het gebouw staat, bleef ge spaard. Het gebouw was omstreeks kwart over achten geheel inge stort. De schade wordt door verzekering gedekt. Nieuwe leeniug vanhetRjjk. Een bij de Tweede Kamer ingediend wetsontwerp strekt tot het vragen van een machti ging tot een leening van f 350 millioen. Deze machtiging zal ten deele benut worden tot verdere consolideering (voor een ander deel tot conversie). en den geheelen nacht hebben gewaakt. Zie hun voeten zich reppen over het glibberige ijsvlakzie met wat kracht de twee jonge mannen de slede voortstuwen, als waren zij niet belsden met zevenhonderd vijfiig botten, ver scheidene netten en wat ze verder bergt. De wind blaast met volle kracht uit het zuidwesten en schijnt zich tot een storm te willen verheffen. Doch den storm vreezen zij niet Integendeel hij versnelt hun vaart en doet de hoop in hun hart levendig worden, dat het ijsveld straks tegen den Uitdamschen dijk zal stooten. „Uitdam I" roept Jaap na eenige oogenblikken. Inderdaad daar rijst het torentje van het onaanzienlijk dorpje omhoog. Maar tevens ach 1 de uit drukking van hoop en verwach ting verdwijnt van het gelaat der drie visschers zij bevirden zich niet ver van den rand hunner ijsschots doch op ongeveer een uur gaans afstands van de Hoilandsche kust. Wordt vervolga I

Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe - Periodiekenviewer

Overveluwsch Weekblad/Harderwijkerkrant | 1933 | | pagina 1