Woensdag 4 Januari 1933. Negen en Tacntigste Jaargang. No.l. Harderwijk, lierriea, Teasel, Ëmele, Muspeet, Halskerst, Slspest, Deerupijk, Pittei, eu. Hoofdpijn en Kiespijn Gemeenteraad Ermelo. 'T VERLEDEN .HIEUW!- m ilfERTENTIEBLAl TUT ERMELOSCHE KANTTEEKENINGEN. FEUILLETON. OVERVELÜWSCH WEEKBLAD Verschijnt iweemsa! weeks, - Prfls f 1.20 per kwartaal. Uitgave flrma I. WEDDING, Donkerstraat Harderwijk 30 December 1932, EHST HARDERWIJKER COURANT Advertestiën 1—5 regel» Igaljard) f 1.—ellen regel m««r sa ceat. Iagesoaden naededeelingea dubbel tarief. &ess« nuaaraera 5 seat. zuilen spoedig bedaren door Mtfnhardts Poeders Vraag daarom Mijnhardt's Hoofd- pijnpotders en Mijnhardt's Kies pijnpoeders. Alleen echt als op doos en poedtrs de naam Mijn- hardt staat. Let bij het koopen hierop. Per preder 8 ct. en per doos 45 ct Verkrijgbaar bij Uw Drogist. het gemak voor de gemeente- naren 1 Thars is de Burgemeester slechts één ochtend per week te E. te spieken, maar de Secre taris is er aooit, en ieder insider weet, wat dat beteekent. Tnans heeft in de vergaderingen van B en \A. maar één Ermeloër het woori, die wordt overstemd door ras:chte Nunspeters, door den Secrstaris, den Burgemeester en twee Wethouders I Neen, zegt N., afstand doen van d«n zetel des bestuurs willen ve niet. Een nuchter buitenstaander vraagt bescheiden Ook niet als 't getj is verloopen en N, niet in st.-at blijkt zij 1 eigen luxe te betabn Welnee, houdt N. vol, in dat geva moet N. maar „ont last' worden Di brutale heeft de halve werild Och ja I Ce zaak is echter nog be- detKelijker geworden. Door stemming zou worden uitgemaakt, of Ermelo en Elspeet „barm- hatigheid" (het woord is niet vin mijzou bewijzen aan Nunspeet en/of aan N de balft der belachelijk lage koop som zou worden Kwijt geschol den. Meent u, dat N zich bij de stemming kiesch terugtrok Mts 1 Op klaarlichten dag pleegde men een aanslag op de beurs dsr Ermeloërs en Elspeters en die aanslag gelukte dank zij de hulp der belanghebbende Nunspeter-.. Maar natuurlijk zal zandboer Ermelo zich op den duur niet door freule Nunspeet in een hoek laten duwen. Wie zich voornaam wil voordoen, moet geest of geld hebben, luidt de levenswet, en er is geen enkels reden aalmoezen te schenken voor een japon van goud- brocaat. N. K B. Is Nunspeet te royaal? Het Gemeentehuis voor den meest biedende Bedankt voor cadeautje Barm hartigheid Victoria Salarisverlaging Top geschrokken Schouten hunkert. Voorzitter de Burgemeester. Aanwezig alle leden. •Onmiddellijk na opening der vergadering stelt de VOOR ZITTER aan de orde het eenige punt der agendaBehandeling der Gemeente-begrooting voor 1933. Algemeene beschouwingen. De heer SCHOUTEN zou alle hooiden van scholen eens willen aanschrijven om hen te ver zoeken de grootst mogelijke zuigigheid te betrachten. Het onderwijs kost geweldig veel, ook voor leerlingen die buiten de plaats onderwijs-inrichtingen bezoeken. Het wordt ondragelijk. De VOORZITTER zegt dat in deze slechts de wet wordt uitgevoerd. Slechts door wets wijziging zou verandering kunnen komen Intusschen treft Schouten hetkomend jaar hebben ver kiezingen voor de Tweede Kamer plaats. Hiermede zijn de algemeene beschouwingen ten einde en wordt aangevangen met de Pegrooting ajd. Ermelo Getrouw aan de gewoonte worden slechts de zaken behan deld die door de Commissie ter sprake worden gebracht. Naar aanleiding van een vraag van de Commissie omtrent de plaatselijke deurwaarders en hun taak, merkt de heer VAN DER WART op, dat deze vraag ge legenheid geeft eens te wijzen op het feit dat er gemeente ambtenaren zijn die bijbaantjes hebban. Die deurwaarders zijn voor Nunspeet de heer Riender- hof en voor Ermelo de heer Vonder, die daarmede eik een bijverdienste van f 50.hebben. Nu is spr. van oordeel, dat die menschen het baantje wel kun nen houden, maar dat hun hier voor geen extra bezoldiging voor gegeven moet worden. Een ambtenaar in gemeente-dienst moet men werk kunnen opdragen dat in het belang der Gameente noodig is. De VOORZITTER acht dit zeer bezwaarlijk. Bedoelde functies, die het best verricht kunnen worden door menschen die verwant zijn aan den Ge meentedienst worden uitgeoefend krachtens een aanstelling van de Raad. Nu zou men dus onge vraagd ontslag willen geven En dan Het blijkt uit de discussie dat men meent dat het deurwaarders baantje in „gemeente-tijd" wordt uitgeoefend. Nu dit niet het geval blijkt acht men het niet zoo erg en neemt men genoegen met de toezegging van werh. Rikkers, dat deze aangelegenheid tegen volgend jaar eens nader zal worden bezien. Uit het rapport der Commissie blijkt, dat de groote meerder heid zich niet kan vereenigen met het voorstel, dat in de ont werp begrooting werd verwerkt om de extra-bijdrage, die de af- deeling Nunspeet betaalt in de uitgaven der Algemeene Huis houding ter zake van het genot en de voordeden, welke deze afdeeling geniet omdat aldaar de zetel van het Gemeentebestuur is gevestigd, van f 8000.op f4000.terug te brengen. Ten einde eene definitieve beslissing uit te lokken, hebben B. en W. in meerderheid ge meend dezen post naar de ge wijzigde verdeeling op de be- grooting te moeten uittrekken, ten einde daardoor eene princi- pieele beslissing uit te lokken over het standpunt, dat de Raad terzake meent te moeten in nemen. B. en W. worden bij dit alles dan ook niet geleid door de ge dachte, de uitgaven van de eene afdeeling op een andere afdeeling af te wentelen, doch zien in een eenigszins gelijk matige verdeeling een algemeen belang, waarvoor zij eene op lossing hebben trachten te zoeken, welke uitvoerbaar is zonder nochtans de groote voorde Jen te niet te doen, die in de prac- tijk van het gemeentelijke leven de finantieele splitsing gebleken heeft te bezitten. In verband met hetgeen hier- XXIII. Om alle misverstand te voor komen, voorop de waarschuwing, dat de Redactie van dit Blad mij de vrije hand heeft gegeven, óók indien zij het niet in alle deelen met mij eens is. Deze mededeeling maakt het haar gemakkelijker en niet minder mij zelf. Zooals u weet, heeft men uit overweging. dat Ermelo en Elspeet andere belangen hebben dan Nunspeet, dus op een andere wijze moeten worden beheerd, de gemeente gesplitst in de af- deelingen Ermelo, Elspeet en Nunspeet. Natuurlijk is de gedachte, die tot deze versplintering leidde, niet gezond. Stelt u voor, dat Amsterdam eens uitging van een dergelijke redeneerirg I Een ge meente heeft lasten en lusten gemeen, het woord zegt het al, en een voortvarend en be kwaam bestuur zorgt er voor, dat de eenheden elkaar steunen en aanvullen in het voordeel van allen. Een erg groot vertrouwen in die „andere belangen" heb ik intusschen niet. En bovendien vrees ik, dat juist door de splitsing een andere levenshou ding is gesuggereerd. Soedah, er zijn nu eenmaal drie afdeelingen met drie brand kasten en zoolang aan dien toe stand geen eind is gemaakt, eischt de billijkheid, dat elk dorp zijn eigen lasten torst. Die lasten zijn eenigszins ver schillend geworden. Ik mag niet beweren, dat Nunspeet weelderig heeft geleefd, maar wel ben ik er van overtuigd, dat Ermelo op 't scbrieie af zeer noodige voorzieningen heeft uitgesteld, terwijl Nunspeet een verreweg zorgeloozer standpunt heeft in genomen. Ermelo denkt bijv. niet aan een tuinarchitect, die duizenden kost N. acht dien blijkbaar noodig. Aan los-vaste werkers betaalt E. slechts f2500, N. f 6000. De nachtwacht te N, is f 1800 en de wegen zijn er per K.M. ook al duurder dan die te E. Men heeft in de laatste Raads zitting getracht bovenstaande door M. GEISLER—PLAT. (33) Och ja, dan was ie net een kiend, waor je mee laggen te pampelen. Nee, kwaod zat der neet biej. Mer soms schoot ik toch in de lach. As Jabuk zen breur onverwachts in kwam loopen, sprong die as de duvel op. Hie gooiden de doek in een hoeke, en schoof de heete stoove onder zien stoele. Nee veur hum wou ie 't veur geen geld ewe- ten.. .1 Aorend en Dina hielden we nog jaoren. 't Wazzen een paor flinke minsen. We schrok ken dan ook toe 't gesprek ook over trouwen gong loopen. Ja, en toch mos ut der een keere van kommen I Ze hadden zelfs al een kleine boerderieje op ut oog. Daor zat je I Weer een nieje "meid en knecht? Foi, 't was of we der neet toe besluuten konden. Jaap en ikke wazzen ook al zoo jonk neet meer, en dan weer allemaol vreemd volk urn je heene Foi nee, we gegevens te ontzenuwen. Ik mo-t hier twee opmerkingen maken. In de eerste plaats, dat een handig cijferkunstenaar er zeer licht toe komt, de statistiek om te kneden tot een hem welge vallig beeld (de verleiding is in de politiek zóó sterk, dat men zonder bezwaar kan spreken van een misleiding te goeder trouw 11) En in de tweede plaats, dat het lid v. L. volgens de ver slagen herhaaldelijk naar de cijfers betreffende de wegen heeft gevraagd, en dat die, voor zoover ik weet, nooit zijn verstrekt terwijl ze nu ongecontroleerd op de groene tafel werden gesmakt DusErmelo is zeer voor- zichtig en Nunspeet minder voorzichtig geweest. Of in elk gevalN. boert in bedenkelijke mate achteruit, Er. behoeft niets te vreezen en El. is rijk. Om eerlijk te zijn moet trou wens worden erkend, dat er meer factoren daartoe hebben meegewerkt. Ermelo groeit op verbluffende wijze en is in den loop der tijden verreweg de belangrijkste afdeeling geworden. Het telt de meeste inwoners en brengt de meeste belasting op, om maar niet te spreken van de geheel eenige plaats, die het in Nederland o.a. door zijn stichtingen en zijn godsdienstig leven inneemt, De conclusie, die men uit een en ander moet trekken, ligt voor de hand, s c h ij n t althans voor de hand te liggenN behoort in deze rrnstige tijden tot zich zelf in te keeren, van alle luxe afstand te doen en een huis te betrekken naar zijn stand. Edoch, dat mondt N. niet. Zou N bijv. afstand doen van zijn kostbaren zetel des bestuurs, zelfs als E er méér recht op heeft Men lacht er om 't Is een vermakelijke ge schiedenis met dien zetel. Ver scheidene jaren geleden kocht N. het voorrecht er van voor f 8000 per jaar. Deze som is aan den lagen kant, er zijn er die den prijs op f 30 000 p. j. schatten. Ia elk geval heeft Ermelo er wel f 10 000 p. j. veor over. Geen wonder I Aan tractemen- ten brengt het gemeentehuis een kleine f 20.000 in de laden der neringdomder. Ook trekt de standplaats van het bestuur vreemdelingen aan, die eveneens de welvaart verhoogen. En dan konnen der neet an denken. „Weet je Fine," zei Jaap op een avond, „we mosten debiele der ook mer biej neerleggen, en doen de boel mer an de kante 1" Oe wat was men dat vreemd. Ik kon der mer neet toe besluu ten, a h& we centen zat. Ik praotten en docht men suf. „En dan Jaap vroeg ikke „Hoe dan geen koenen meer en geen varrekens en geen peerd Oe, foi toch, wat eenzaam „Wat zou je nog vee mirs zei Jaap, „Geen ko-ien, geen moeien 1" „Mer wou je dan hier van de boerderi je weg Jaap, dat bedoel je toch nseten Ut gedoente van je vader, waor we elejen en estrejen hen Hie hadden zen antwoord goed klaor. Hie had der dus al vaake over naoedocht, dat begreep ik. „Ninnik", zei die, „wie blieven hier en laoten de stal umbouwen in een wnen- huus, da we weer verhuren. Das mit eene gezelleg ook „Mer de kiepen bou ik toch an Jaap 1" viel ik al biej. „Non", zei die, „dat moet jie wetrn en ikke bin ook neet vies van een varsch eitjen 1" Ik kon men der nog neet mee vereenegen. Vrouw Diekman, dee nog zoo harde voortüon, stil leven 1 Mer ut kwam der toch toe, want Jabuk ble-f op zen punte staon. Der wier arfhuus ehouwen van ut vee en de emmets en jukken en de karren. Ja van alles, wat zoo 't wark anbelangden. Ik kon der neet an denken, en bekeek men eelterege handen, waor toen traonen opdiupten. Mer Jaap was drukke en goed in zen schikke. „Wat zouwen we nog langer ploeteren, en ons eigen kepot warreken, we hen centen zat?" Non dat kon ik neet tegenstriejen. De boerderieje had ons geen wiendeiers eleid Mer ikke kon geen ofstand doen van datgene, wat ik groot had emaakt. Ik lipten en bulden, as ééne van de koenen biej ons van de dam wier evoerd, en kusten ut peerd op zen giieze maonen „Dag bles, dag ouwe jonge, jie hen flink je beste edaon heur I" Och wat keek ut trouwe dier men an 't Was mer gelukkig, dat de drukte mit de verbouwing kwam 't Wier een heel perseel, dat naost ons an kwam al was ut de ouwe koestalle neet meer, 't zag der aoreg en niej uut. Ja we zouwen der een aorege duit an huure veur trekken, 't Was al verhuurd, veur ut goed en wel gereed wazzen. Der zat dan ook een mooie lappe grond an vast. Zoo wieren wuullie renteniers HOOFDSTUK XVII. Jaap wier dikke. Ut nieje leven bekwam hum best, mer ik kon der nog neet an wennen. De nieje minsen naost an mit een schot kienders, brochten gelukkeg wat leven en beweging op ut arf, dat eerst as uutestor- reven scheen Bie Sientjen gong de lesten van de kienders ook trouwen, en men zuster docht ter over, non ook mer de boel an de spieker te hangen. Wat mos ze alleenig nog mit zoo'n g-QOte rompslompe doen „Laot ze biej ons in kommen 1" zei Jabuk dee van gezelligheid hiel, „der is plaos zat genogt, ik mag Sientjen wel 1" Non, nao veul vuuven en zessen besloten we daor dan mer toe, en zoo wazzen we weer mit ons dreeëa. Zoo as ik zei, Jabuk wier slim dikke Hie za;* der uut as een echte rentenier. Hie kuierden wat um ut huus of zat in zien groote armstoel® ut weeksche stads kranten te bestudeeren. Savus kwam dan dezen en genen nog wel ies praoten of googen wuul lie, as ut esn warme dag was, zoo teugen schemeravond een badhuusjen umme. De breur van Jabuk, en zien zusters, kwammen of en toe ook nog wel ies an- tuinen, mer och, dee wieren ook een dagjen ouwer. Hun kienders kwammen neet zoo vaake. Der was veur dee jongeren, bie ons ouwe minsjes, neet zoo veule te bepraoten. 't Nieje geslacht liet zich ook neet meer zoo veule gezeggen, en gavven je mit eene lik um stuk aj je ze ies op der nummer zetten. Jaap lachten dan mer „psssjjj, psssjjj". Hie ver droeg anders neeten, dat ze mien ofhapten. Nee as ze an zen vrouw kwammen, kon ie lillek uut de hoek kommen. Pas op I Veur Sientjen en mien was der zoo overdag wark zat te vienden. Ut huus mos edaon worden en je mosten toch ook veur de middagspotte zorregen. Jaap lusten gelukk<-g nog greeg zen hapjen eten. Zoo tegen een uur of half elleve schonk ik um al- tieden een druppel in. Dat had ie greege. „Dan smaakt ut eten beter 1" zei die altieden. Non, hie pikten goed mee uut de voren werd opgemerkt, zal het dan ook duidelijk zijn, dat barmhartigheidsoverwegingen, ten opzichte van de afdeeling Nunspeet aan den gedachten- gang van de meerderheid van B. en W. volkomen vreemd zijn. De heer RIKKERS betoogt, dat Nunspeet altijd meer belas ting heeft geheven dan Ermelo. Dat was vroeger heel normaal. Elspeet heeft de tijd gekend dat daar in 't geheel geen belasting betaald werd. Er is dus altijd verschil geweest. Ermelo heeft ook altijd veel soberder geleefd en ook d>*raan dankte ze de lagere lastt De heer HUISMAN zegt dat Ermelo een bevoorrechte positie inneemt omdat ze onder haar inwoners telt velen met vaste inkomens. En ze heeft ver scheidene groote belastingbe talers, ook al door een voor haar gunstige grensregeling. Staverden b v. een kwartier gaans van Elspeet en twee uur gaans van Ermelo, behoort bij de afdeeling Ermelo. Elspeet is de kleine rentenier, die zich in gewone omstandigheden een beetje kan redden, maar die geen buitenissigheden kan verduren, zooals nu b.v. de werkeloosheid. Dan gaat het mis. Wat nu be treft de voorgstelde verlichting van Nunspeet met f4000.ten koste der andere afdeelingen, och, spr. is daar niet zoo tegen, maar wil er bij zeggen, dat dit eigenlijk geen oplos: voor de toekomst geeft. L^ar zullen maatregelen noodig zijn voor blijvende verbetering en die krijgt men slechts door opheffing van de financieele splitsing der afdeelingen. De heer VAN DER WART merkt op dat het slechts gaat om een beetje verdeeling van lasten tusschen de afdeelingen. In 1924 is de lasten-verdeeling opnieuw vastgesteld. Ermelo zooveel procent en Nunspeet zooveel en Elspeet zooveel. En bovendien zal Nunspeet f8000. betalen voor de zetel van het Gemeentebestuur. Nu is het vreemd dat men niet komt met een andere lastenverdeeling doch alleen heil zoekt in halvee'ring van die f 8000.alsof die zetel van het Gemeentebestuur minder waard zou zijn. Spr. wil wil zeggen dat de afd. Ermelo er graag f 8000.voor over had. 't Is een groot voorrecht. De heer VAN EMST onder- middagspotte en een half pond- jen vleiscb, iedere middag, gong der mit greegte in. Dan tegen een uur of vier, vuuve at ie een paor kedetjes mit twee of dree gekookte eieren en savus pap. Smarreges at ie neet veule, mer hie sting ook laote op, en ge- bruukten een ei mit een glas melk op zien bedde 1 Hie vond ut eigens ook arreg prettig, dat ie nog zoo'n gezonde maage hadden. Ik kon smarregens, deur de gewoonte, neet lang in bed blieven. En wat zouwen de buren ook wel edocht hen, as um half ztuven de luuken nog potdichte ezeten hadden Foi nee, dat wou ikke veur geen geld. De beezen hadden we nog altieden op ons stukjen grond staon, waor we veur eigen ge- bruuk eerpels en greuntes ver bouwden. Dee verkochten we nog altieden an de likerstokerieje. Dat gaf zoemers rog wat bezig heid. Zoo sleurden de jaoren veurbiej en markten je neet, daj je een dagjen ouwer wieren. Twee zusters van Jaap raakten uut den tied, en je mosten der mer neet an denken, dat je zelf ook naor 't ende liepen. Wordt vervolgd

Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe - Periodiekenviewer

Overveluwsch Weekblad/Harderwijkerkrant | 1933 | | pagina 1